Hoe waardenconflicten innovatie kunnen stimuleren

Is het belangrijker om schoon drinkwater te hebben of om een gezond ecosysteem in stand te houden? Heeft het zin om een brug te bouwen naar een afgelegen wijk, als er nauwelijks auto’s overheen zullen rijden? En wie is er verantwoordelijk voor waterverspilling? Neelke Doorn is hoogleraar Ethics of Water Engineering aan de TU Delft, wereldwijd de eerste leerstoel die specifiek kijkt naar de ethische aspecten van waterbeheer en watertechnologie. Waarom is het belangrijk om stil te staan bij deze ethische vraagstukken? En wat kunnen innovators en beleidsmakers daarvan leren?

Elke keer dat we een medicijn slikken of smeren, komt een deel van de actieve stoffen via de afvoer van de douche of het toilet terecht bij de rioolwaterzuiveringsinstallatie. Met de gangbare technieken worden daar niet alle medicijnresten uit het water gefilterd, waardoor een deel van de werkzame stoffen in rivieren en kanalen terechtkomt. Zo belandt er jaarlijks ruim 140.000 kilo aan medicijnresten in het oppervlaktewater. Welke gevolgen dit op langere termijn zal hebben, is nog niet duidelijk. ‘De stoffen die in het water zitten, zijn voor mensen nu nog niet zo schadelijk. Maar er zijn al voorbeelden van vissen met een dubbel geslacht of geslachtsverandering als gevolg van de aanwezige medicijnresten. Het is duidelijk dat het op het ecosysteem een flinke impact heeft. Maar er is nog een hoop dat we niet weten.’

Doordrenkt van ethiek

Het is een van de thema’s waar Doorn zich veel mee bezighoudt. Het is dan ook doordrenkt van ethiek, legt ze uit. ‘Hoe bepaal je bijvoorbeeld wat “goede” waterkwaliteit is? Je kunt kijken naar de staat van het drinkwater, maar dan focus je alleen op mensen. Kijk je naar de staat van het watersysteem als geheel, dan neem je daarin het hele ecosysteem mee. Uit welk water wil je de medicijnresten halen? Als je afvalwater zuivert, is dat beter voor vissen en andere dieren. Als je enkel het drinkwater zuivert, dan draagt dat alleen bij aan menselijke gezondheid. Maar het is wel goedkoper. Zijn de hogere kosten voor waterzuivering wel te verantwoorden als je niet zeker weet wat de risico’s van de medicijnresten voor mensen zijn? Of moeten we bij een gebrek aan kennis juist voor een veilige route kiezen?’

Klimaatverandering

Ethische vraagstukken als deze komen terug in allerlei aspecten van watertechnologie en –beleid. Klimaatverandering – een rode draad in veel van haar onderzoek – zorgt ervoor dat veel van deze vragen nog nét wat urgenter zijn, vertelt Doorn. ‘Een aantal decennia geleden was droogte in Nederland bijvoorbeeld niet echt een probleem. Het was wel eens droog, maar niet zoals afgelopen zomer. We moeten daarom anders gaan nadenken over hoe we kunnen anticiperen op zulk extreem weer.’

Om die reden willen de waterschappen bijvoorbeeld dat mensen zich beter bewust zijn van de vraagstukken die spelen op het gebied van waterbeleid, legt ze uit. ‘Het waterbeleid in Nederland is goed geregeld, daardoor staan de meeste mensen er niet veel bij stil. Afgelopen zomer was tekenend. Door de droogte moest op sommige plekken de waterdruk omlaag om het watergebruik terug te schroeven. Iemand op tv zei: “De druk is lager, dus ik ben maar wat langer gaan douchen!”. In een land dat gewend is dat water ook schaars kan zijn, zullen mensen minder snel zulke uitspraken doen. Bij ons leeft dat minder, terwijl het wel iets is waarvan we ons meer bewust moeten zijn.’

Veerkracht en sociale impact

In relatie tot klimaatverandering wordt ook steeds meer geroepen om veerkracht, merkt Doorn op. ‘Zo heeft het nationale Deltaprogramma als doel ervoor te zorgen dat ons land “de grotere extremen van het klimaat veerkrachtig kan blijven opvangen”. En binnen de EU wordt veerkracht genoemd als dé manier om invulling te geven aan klimaatadaptatie.’

Toch is veerkracht een lastig begrip, vindt ze. ‘In de literatuur wordt vaak een onderscheid gemaakt tussen veerkracht in termen van infrastructuur – blijft iets bijvoorbeeld werken als er een overstroming is – en in termen van mensen. Eigenlijk moeten die twee gekoppeld worden. Laatst sprak ik een man die moest beslissen of er ergens bij Rotterdam een brug zou komen. Puur kijkend naar het aantal auto’s dat eroverheen zou rijden, was het niet nodig. Maar de brug zou een wijk vol mensen met een migratieachtergrond kunnen verbinden met andere wijken. Dat zou kunnen zorgen voor meer solidariteit en respect voor elkaar. Tot nu worden veel beslissingen over infrastructuur vooral op economische basis gemaakt. Maar hoe zorg je dat die beslismodellen ook sociale impact meenemen? Hoe koppel je die verschillende soorten veerkracht – die verschillende waarden – aan elkaar?’

Waardenconflict als stimulans voor innovatie

Doorn ziet dat die vraag steeds vaker een rol speelt bij besluitvorming, maar ook bij innovaties. ‘Vroeger hadden technologische oplossingen één functie. Maar eigenlijk moet je een ethische bril opzetten in het innovatieproces. Je moet kijken welke waarden in het geding zijn en proberen aan al die waarden een positieve bijdrage te leveren. De Zandmotor is daarvan een goed voorbeeld. Die draagt niet alleen bij aan de kustverdediging, maar is ook goed voor de ecologie, biodiversiteit en recreatie. Zo kunnen we ook kijken naar het filteren van medicijnresten uit afvalwater. Die zuivering kan veel geld en energie kosten. Maar misschien kunnen we nog wel herbruikbare mineralen uit het afvalwater halen. Zo kan een waardenconflict juist een stimulans zijn voor innovatie en ervoor zorgen dat je tot betere oplossingen komt.’